Spelmateriaal.

- Het spel wordt gespeeld op een groene vilten mat.

- De afmeting van de mat is 8,00 x 2,00 meter.

- De mat is door lijnen verdeeld in vakken.

- Verder bestaat het spel uit: 4 gele en 4 zwarte koersballen met een diameter van 100 mm en een wit doelballetje (jack) met een diameter van 52,4 mm en een meetlint.

- De 'koersballen" zijn massief kunststof. Ze zijn aan de zijkanten gemerkt met cirkels. Het zwaartepunt ligt iets naast het midden, zodat de ballen altijd een kromme koers beschrijven als ze op de juiste manier worden gespeeld. De kleine gekleurde cirkel geeft de zwaarste kant van de bal aan en daarmee de richting van de afwijking.

Alvorens te beginnen.

- Maak teams van tweetallen en zet de namen van de deelnemers op een lijst. (met 6 of 7 team speelt men het prettigst)

- Er wordt in het algemeen door twee paren tegen elkaar gespeeld.

De spelregels.

algemeen:

- De bedoeling van het spel is de koersballen zo dicht mogelijk bij het doelballetje (jack) te spelen.

- Alle koersballen dienen gerold te worden en moeten het z.g. "afspeelvak" raken.

- Voor elke speelbeurt wordt er geloot. Het paar dat de loting wint begint.

Het spelen van het doelballetje:

- Het paar dat de loting gewonnen heeft brengt het doelballetje in het spel. Dit geschiedt door het doelballetje (jack) over de "middenlijn" te rollen. Lukt dit niet of rolt het doelballetje van de mat af, dan moet het andere paar het doelballetje inrollen.

- Als het doelballetje tot stilstand is gekomen, wordt het midden op de mat gelegd ter hoogte van de plaats waar het tot stilstand kwam.

- Wordt het doelballetje door beide teams foutief gerold, dan wordt het op het streepje net voor de lijn voor het dubbelscore-vak geplaatst.

- Wordt het doelballetje tijdens het spel door een koersbal weg gestoten, dan blijft het doelballetje liggen op zijn nieuwe plek.

- Wordt het doelballetje tijdens het spel door een koersbal van de mat gestoten, dan wordt het weer zo dicht mogelijk bij de rand van het speelveld geplaatst daar waar het doelballetje het veld heeft verlaten. Wordt het doelballetje via een koersbal weer teruggekaatst tot op of voor de middenlijn, dan wordt het weer zo dicht mogelijk bij de middenlijn geplaatst daar waar het deze heeft overschreden. Indien een koersbal zo dicht bij de rand of middenlijn ligt dat voorgaande niet mogelijk is, dan wordt het doelballetje tegen de koersbal aangelegd.


Speelvolgorde:

Afwisselend rollen met zwarte of gele koersbal. De laatste te rollen bal is een gele en heel vaak is dat de winnaar !!!

Puntentelling
De koersbal die het dichtst bij de doelballetje (jack) ligt, krijgt een punt.
Deze bal wordt dan weggehaald en dan ga je kijken welke bal nu het dichtst ligt bij de jack.
Is deze bal van dezelfde partij dan krijgt deze er een punt bij.
Is deze bal van de tegenpartij dan stopt de puntentelling.
Dubbelscorevak
Aan het einde van de mat ligt het dubbelscorevak.
Wanneer een speler de jack raakt wanneer deze in het dubbelscorevak komt, krijgt dit paar een extra punt. Dit geldt ook als de jack bij het in spel
brengen in het dubbelscore vak komt.

Dit zijn ongeveer de spelregels. Niet allemaal , maar je zult de regels in de praktijk gemakkelijk en heel gauw leren.
We koersballen met veel plezier in het Socio-project op dinsdagavond van 18.15 uur tot ca. 21.00 uur, in de ouderensoos in het Socio Project.

Hebt U interesse bel dan voor een afspraak W. Giesen 045- 5457886 of mail Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. voor een afspraak.